Tucht in de gemeente.

Tucht in de gemeente van de Heer, hoe zit dat? - Als christenen hebben we de opdracht om elkaar te verdragen, lief te hebben, te aanvaarden. Tot zover kunnen we daar wel wat mee, al geeft het soms ook wel wat moeite om mensen lief te hebben waar je gewoon niks mee hebt.

Maar het wordt nog lastiger als we bedenken dat de Bijbel het ook heeft over vermanen, elkaar dus aan spreken op eventueel verkeerd gedrag (Rom.15:14). Dat is beslist geen eenvoudige opdracht, aangezien we vaak ook te maken hebben met bepaalde gevoeligheden en weinig mensen kunnen de vermaningen van hun broeder of zuster gewoon accepteren.

Het Bijbelse acht geven en het vermanen van elkaar, is geen bemoeizucht. Voor sommigen lijkt dit echter wel zo, maar eigenlijk komt het omdat men niet bereid is om naar kritische opmerkingen van anderen te luisteren. Maar we beseffen dan niet dat het ook Gods stem zou kunnen zijn, die tot ons spreekt. Want God kan op vele manieren tot ons spreken en ook door onze broeder of zuster. Elkaar in liefde 'de waarheid' zeggen, zijn we zelfs aan elkaar verplicht, ten minste als we elkaar echt liefhebben. Echte liefde kan het niet aanzien, dat je broeder of zuster mogelijk de behoudenis verliest of een misstap begaat, vanwege één of andere ernstige zonde? Wie dat wel kan, heeft nog maar bitter weinig begrepen van het verdriet in Gods hart over de zonde.

Om te kunnen vermanen, hebben we wel in het bijzonder de wijsheid en leiding van de heilige Geest nodig. Daarvoor zullen we dus allemaal eerst moeten bidden, voordat we besluiten om iemand ergens op te wijzen.

Tucht in de gemeente
Nog anders wordt het als we praten over 'tucht' in de gemeente van de Heer, dat is niet hetzelfde als een vermaning van een broeder of zuster wat in principe door iedereen kan gebeuren die een bewogen hart heeft. Het handhaven van de tucht in de gemeente, gaat veel verder en is toch in de eerste plaats de verantwoording van de leiding (voorganger/oudsten) binnen de gemeente.

Maar ook hier geldt, de tucht handhaven op een liefdeloze manier, kan een heel verkeerde uitwerking hebben op de gemeente. Zodra we de tucht in de gemeente als een zwaard zien wat boven elk lid van de gemeente hangt, worden we een wettische groep die een druk legt op de mensen. Er is dan meer sprake van dwang en veroordeling en niet van liefde. Maar de andere kant is ook waar, dat als we onverschillig staan tegenover de zonde in de gemeente, dan wordt de gemeente 'verontreinigd' en 'ontheiligd' en dat willen we ook niet.

Toch moeten we leren te vermanen met een bewogen hart en niet hard en gevoelloos. God kan ons die bewogenheid geven. Bijvoorbeeld: Paulus vermaande de Efeze-gemeente 'onder tranen'. (Hand.20:31). Iemand die niet vanuit die gesteldheid kan vermanen, maakt vaak meer stuk dan nodig is.

Zonde is besmettelijk
Een belangrijk waarschuwing vinden we in 1Kor. 5, waar Paulus schrijft over zuurdesem wat in de Bijbel vaak gezien wordt als een voorbeeld van zonden. In vers 6 staat "een beetje zuurdesem, maakt het hele deeg zuur" dit betekent, zonde is als zuurdesem het woekert voort en… besmet ook anderen. Waar dus in een gemeente een lakse en onverschillige houding wordt aangenomen tegen ernstige zonden, ontstaat het grote gevaar dat steeds meer gemeenteleden in bepaalde zonden vallen. Want men denkt al gauw dat die zonde geaccepteerd wordt door God.

Paulus schreef deze woorden over zuurdesem, niet zomaar, maar naar aanleiding van een ernstige zonde in de gemeente van Korinthe namelijk, 'iemand leefde in zonde met de vrouw van zijn vader'.

Het gaat hier dus uitdrukkelijk niet om onvolmaaktheden of foutjes, waar we allemaal nog last van hebben, maar om heel ernstige zonden die ook de gemeente kunnen besmetten of beschadigen. Maar die ook degene die zondigt in groot gevaar brengt, tenzij men zich bekeren wil. Het is daarom ook absoluut noodzakelijk dat de leiding van de gemeente zo iemand terecht wijst, om te voorkomen dat iemand nog verder afdwaalt.

Lees Jac. 5:19-20
Indien bij u iemand van de waarheid afdwaalt, en een ander brengt hem tot inkeer, weet dan, dat, wie een zondaar van zijn dwaalweg terugbrengt, hij diens ziel van de dood zal behouden en tal van zonden zal bedekken.

 

Waar gaat het over?
Het gaat bijvoorbeeld om allerlei vormen van ernstige seksuele zonden, of willens en wetens actief bezig zijn met occultisme, spiritisme of i.d., allerlei vormen van kwaadsprekerij, lasterpraatjes die de gemeente ernstig kunnen besmetten. Of mensen die bekeerd denken te zijn, maar die tegelijk bezig zijn met dronkenschappen, oplichterij, hoererij etc..

De Bijbel is er heel duidelijk over in 1 Kor.5:11.
"Maar nu heb ik u geschreven dat u zich niet moet inlaten met iemand die, terwijl hij een broeder wordt genoemd, een ontuchtpleger is, of een hebzuchtige, of een afgodendienaar, of een lasteraar, of een dronkaard, of een rover. Met zo iemand moet u zelfs niet eten".

Definitie van gemeentelijke tucht
Gemeentetucht is in de meest positieve betekenis iets wat gewoon hoort bij 'opvoeden', zoals ouders hun kinderen. Feitelijk is het normaal dat het gebeurd. Het doel is dus altijd alleen om iemand tot inkeer te brengen. Lees Gal.6:1

"Broeders, zelfs als iemand door een overtreding overvallen wordt, brengt u die geestelijk bent zo iemand terecht in een geest van zachtmoedigheid. Houd intussen uzelf in het oog, opdat ook u niet in verzoeking komt".

Tucht, taalkundig gezien staat ook in verband met woorden als: opvoeden, kastijden, bestraffen, terechtwijzen. Maar ook met: groot brengen door verzorging en dan met nadruk op verzorging, welopgevoed.

Maar meestal roept het woord 'tucht' bij ons juist een negatief gevoel op. Wanneer iemand ons terecht wil wijzen komt er vaak een vorm van weerstand bij ons opzetten. Eigenlijk zien we dit in onze hele samenleving terug, steeds meer mensen hebben moeite met gezag. Daarbij komt dat het handhaven van tucht in de gemeente, vaak als een soort strafmaatregel wordt gezien. Laten we eerst even vaststellen dat God ons helemaal niet zo graag wil straffen. Nee, wie de Bijbelse tucht bestudeerd zal zien dat er altijd sprake zal zijn van een 'Vader-kind-relatie'. (Lees Hebr.12) Die relatie zal zich altijd afspelen binnen de grenzen van liefde en aanvaarding. Ook kent de Bijbelse tucht, naast een onderwijzend, ook preventief karakter en zal gericht zijn op het voorkomen van zonde en nooit alleen op het bestraffen van wat al gebeurd is. Als tucht gericht is op het verleden, dan kent het alleen maar de aardse begrippen als zonde afstraffing. Uiteraard zal tucht alleen maar gehandhaafd moeten worden in de gemeente, nadat de betrokken persoon enkele malen gewaarschuwd is. Pas als men niet wil luisteren kan men niet anders dan de tucht handteren.

Lees Mat.18:15, 16
"Als uw broeder tegen u zondigt, ga heen, bespreek het tussen u en hem alleen; als hij naar u luistert, hebt u uw broeder gewonnen. Als hij echter niet luistert, neem nog een of twee met u mee, opdat door de mond van twee of drie getuigen elk woord vaststaat"

Wil de persoon niet luisteren, dan moet men dit eerst in een kleine setting proberen op te lossen (wil hij niet luisteren, neem dan nog één of twee met u mee Mt18:16). Helpt dit nog niet, dan moet de gemeente ervan op de hoogte worden gesteld.

Praktisch gezien zou dit niet in openbare samenkomst moeten gebeuren, er zijn dan vaak gasten aanwezig en het risico dat men verkeerd met de informatie omgaat is dan groot. Dus willekeurige bezoekers van een samenkomst zouden dit niet moeten horen. Daarom is het beter het op een besloten gemeenteavond te doen. Wil de persoon in kwestie dan nog niet veranderen, dan moeten we zo iemand zelfs uitsluiten van de gemeentelijke activiteiten, behalve uiteraard de openbare erediensten die voor iedereen toegankelijk zijn.

Lees Rom.16:17
"En ik roep u ertoe op, broeders, hen in het oog te houden die onenigheden teweeg brengen en struikelblokken opwerpen tegen het onderricht dat u hebt ontvangen, en keer u van hen af".

Lees ook: 1 Kor. 5:9-11, 1 Kor. 5:13, 2 Thes.3:6, en 2 Thes.3:14-15, 1 Tim.6:20 en 2 Tim.3:4. In Mat5:17 zegt Jezus zelfs dat de overtreder moet worden behandeld als een 'heiden en een tollenaar'.

Dit geldt uitdrukkelijk voor die mensen, die zeggen christenen te zijn, verantwoordelijkheid dragen door bijvoorbeeld aan de heilig Avondmaal viering deel te nemen, maar toch een verkeerde en zondige weg op zijn gegaan. Deze vorm van tucht is dus niet toe te passen op bezoekers van de diensten die af en toe eens komen.

Het doel van tucht.
Het doel van gemeentetucht is altijd om de desbetreffende persoon te winnen voor Christus. Dit betekent dat de maatregelen die we treffen, in liefde moeten gebeuren en nooit met de botte bijl. De zonde moet wel worden bestraft, maar de zondaar moet vooral worden geholpen. Veel mensen denken bij het woord 'tucht' gelijk aan het wegdoen van een gelovige uit de gemeente, maar dat is zeker niet de eerste optie. Het doel van 'tuchtmaatregelen' zijn juist, omdat te voorkomen en pas als alles niet heeft geholpen, is 'uitsluiting' het laatste middel.

HH

Meer studies