Roeping is dat nog nodig?

De roeping van een gemeente leider, is dat nog nodig? Leiderschap in de gemeente is een duidelijk Bijbels principe. Jezus Christus is het Hoofd van de gemeente, maar Hij is ook degene die zelf de leiders aanstelt, lees dit o.a. in Efeziërs 4:11,12.

We moeten de toepassing gaan begrijpen van bijvoorbeeld een 'apostolische bediening' in leiderschap, namelijk het bereiken van een verloren wereld en het stichten van nieuwe gemeenten, alsook van leiderschap voor de plaatselijke gemeente, waar voorgangers, oudsten en diakenen nodig zijn. Hun taak is altijd dienend naar God, de gemeente en elkaar.

Waaraan herkennen we leiders?
Gemeente leiders moeten in de eerste plaats biddend gekozen worden, onder de leiding van de Heilige Geest en op grond van hun geestelijke kwalificaties en niet direct op basis van hun opleiding en/of vaardigheden. Daarbij is het van groot belang dat ze een voorbeeld zijn voor de gemeente, o.a. in trouw en levenswandel. De apostel Paulus spreekt hier duidelijk over in 1 Tim.3.

In de huidige tijd zien we echter dat evangelie gemeenten in ons land steeds meer moeite hebben om geschikte leiders te vinden. Men kiest niet zelden voor een soort sollicitatie commissie uit de gemeente, om vooral het proces zo democratisch mogelijk te laten verlopen. Meestal stelt die commissie dan een lange lijst met bekwaamheden op, waar een eventuele kandidaat aan moet voldoen. Vaak worden er hoge eisen gesteld aan opleiding en vooral management kwaliteiten. Men moet een allround persoon zijn, iemand die bekwaam kan manoeuvreren tussen de verschilde meningen en opvattingen in de gemeente en dat zijn er vaak heel wat.

Het is de vraag of iemand als de apostel Petrus uit de Bijbel, wel had kunnen solliciteren. In ieder geval zou hij zeker zijn afgewezen, want hij had nauwelijks opleiding gehad. Maar de Heer dacht er duidelijk anders over, want de apostel Petrus werd de leider van de eerste Nieuw Testamentische gemeente in het boek van Handelingen. Telkens als er iets gezegd moest worden, dan sprak Petrus.

Natuurlijk is het begrijpelijk dat een gemeente leider in de huidige tijd, niet hetzelfde is als een leider in de tijd van Petrus. We kunnen nu eenmaal niet hebben dat een voorganger of oudste geen scholing gehad zou hebben. Maar wat zijn de belangrijkste voorwaarden.

Belangrijkste voorwaarde van een gemeente leider.
We vergeten vaak de belangrijkste eigenschap van een gemeente leider.
- Hij moet namelijk Bijbels gezien, in de eerste plaats een roeping van God hebben. Een goede opleiding, is heel nuttig, maar zonder een duidelijk getuigenis over een roeping van God, heeft het toch weinig waarde.
- Daarnaast moet iemand zichtbaar en merkbaar gezalfd zijn met de Heilige Geest, denk maar aan de priesters in de tabernakel, Mozes moest ze eerst zalven met de heilige zalfolie (Exodus 40:13-15). Ook de apostelen die de eerste gemeente leidde in het boek van Handelingen, moesten eerst gezalfd worden met de Heilige Geest op de Pinksterdag (lees Hand.1:8). Waarom? Wel zonder de gaven en de zalving van de Heilige Geest hebben we namelijk niets om uit te delen aan de gemeente. Bijvoorbeeld, in een prediking is vrij direct merkbaar of de prediker spreekt vanuit de zalving die op hem rust, of dat het voornamelijk uit hemzelf komt, iemand die luistert en vervuld is met de Heilige Geest, merkt en proeft het. Het is altijd van belang dat we God horen spreken door iemand heen en niet de mens.
- Tenslotte, God roept mensen die bezig zijn. Er is een belangrijk principe dat we niet mogen negeren. Het wordt geïllustreerd in het volgende Bijbelgedeelte over de roeping van Barnabas en Saulus (later Paulus) voor het zendingswerk in Handelingen 12:25 en 13:1:

"Toen Barnabas en Saulus de bijdrage uit Antiochië hadden overhandigd, gingen ze van Jeruzalem naar Antiochië terug … Er waren in de gemeente van Antiochië profeten en leraren, onder wie Barnabas … en Saulus. Eens, toen zij aan het vasten waren en een dienst hielden ter ere van de Heer, sprak de Heilige Geest: 'Zondert Mij af, Barnabas en Saulus vrij voor de taak waartoe ik hen geroepen heb.'

We verstaan hieruit dat Barnabas en Saulus in ieder geval al actief waren in het werk van de Heer, voor zij geroepen werden in de dienst van God. Zij deden al allerlei taken. Hier werden dus mensen geroepen die bezig waren te DIENEN waar ze nodig waren. Vanuit die positie werden ze ook GEROEPEN. Datzelfde geldt voor vandaag de dag. God roept mensen die al in beweging zijn in het koninkrijk van de Heer en luie gelovigen worden nooit geroepen. (Lees wat Jezus zegt over de luie slaaf in Mat.25: 26-30).

Voor de huidige tijd is het van groot belang dat de gemeente van de Heer meer de wil van God zou gaan zoeken. In plaats van direct een sollicitatie commissie in te stellen, zou het beter zijn om eerst te starten met een tijd van vasten en bidden, zoals in Hand.13, voordat we opzoek gaan naar de geschikte persoon.

 

Kan iedereen geroepen wordt in een bediening?
We zijn wel allemaal geroepen in een algemene roeping, om b.v. een zegen te zijn voor anderen. God wil ons allemaal ook gebruiken om Zijn naam hier te verheerlijken. We zijn dus niet zomaar in een gemeente of geestelijk werk, maar God heeft een plan en een bestemming voor ons allemaal.

Die bestemming is zeker niet iets wat alleen ver weg in de toekomst ligt, maar het is iets wat vandaag kan beginnen. U mag vandaag al de persoon zijn zoals God bedoeld heeft, om vooral tot zegen te zijn voor anderen. We kunnen vandaag anderen helpen met de talenten en de mogelijkheden die God ons gegeven heeft. En u heeft altijd tenminste één talent van God ontvangen (Lees Mat.25: 15).

Dit heeft alles te maken met onze roeping en bestemming of het plan wat Hij al met ons leven had al voordat we geboren waren. Onze bestemming en roeping staat al vast, het is namelijk Gods plan met ons en we mogen dat gaan ontdekken.

Toch niet iedereen.
Maar we zijn toch niet allemaal geroepen om een leider te zijn in de gemeente. In 1 Kor.12:28 staat duidelijk dat God 'sommigen' geroepen heeft in een leidinggevende taak in de gemeente. Dat wil zeggen, niet iedereen wordt geroepen tot een bediening als bijvoorbeeld apostel, profeet, herder, leraar, prediker of zendingswerker of een andere opvallende taak. In de meeste van deze taken moet er dus eerst sprake zijn van een Goddelijke roeping en een merkbare zalving van de Heilige Geest.

Het is beslist een bijzonder voorrecht als God je uitkiest om een bepaalde taak uit te voeren en het is ook Zijn keuze en jalousie is daarbij zeker niet op z'n plaats. God heeft ook alle omstandigheden in Zijn hand en kan het zo leiden dat onze roeping en zalving zichtbaar wordt in de gemeente.

Zo heeft God bijvoorbeeld Jakob boven zijn iets oudere tweelingbroer Ezau verkozen om stamvader van zijn volk te zijn (Romeinen 9:13). God koos ook David om koning te worden en niet zijn oudere broers (1 Samuël 16:1-13). Waarom God de ene persoon voor een bepaalde taak uitkiest en een ander niet, is soms verborgen voor ons als mensen. Een van de factoren is dat God mensen uitkiest op grond van wat Hij in hun hart ziet (1 Samuël 16:7).

Laten we eerst een misverstand ophelderen.
Het is beslist niet zo dat onze beperkingen een verhindering zijn voor God, om ons een roeping te geven en in te schakelen in zijn plan. Bovendien, sommige mensen die echt een roeping van God ontvingen voor een leiders taak in de gemeente, voelde zich juist eerst onbekwaam en dachten het niet aan te kunnen. Bijbels gezien is ook dat dus niet vreemd.

In de levens van Mozes, Petrus, Paulus en Abraham zien we voorbeelden van Bijbelfiguren die roepingen kregen die lang niet zo goed bij hun persoonlijke karakter pasten. Hier volgen een paar voorbeelden, van Mozes, Gideon en Jeremia. Ze protesteerde zelfs tegen God en zaten feitelijk helemaal niet op hun roeping te wachten.

  • - Mozes: God riep hem om naar Farao te gaan. Mozes sprak tegen God: "wie ben ik? … en wat moet ik dan zeggen? … ze zullen me vast niet geloven en niet naar me luisteren … ik kan niet de juiste woorden vinden … stuur toch liever iemand anders" (Exodus 3 en 4). Maar…. God veranderde niet van mening, Hij koos toch voor Mozes ondanks al zijn beperkingen.

  • - Gideon: God riep hem om Israël te verlossen van de Midianieten: maar hij zei tegen God "hoe zou ik Israël kunnen bevrijden? Mijn familie betekent niets en ikzelf ben de jongste van de familie…." (Richteren 6:15). Maar ook nu veranderde God niet van mening. De Heer wist precies wie Hij hebben moest

  • - Jeremia: Hij voelde zich veel te jong om een profeet te zijn: Hij zei "Nee, HEER, mijn God! Ik kan het woord niet voeren, ik ben te jong." (Jeremia 1:6). Maar God dacht er heel anders over en riep hem in Zijn dienst als profeet, ondanks zijn jonge leeftijd.

Door de zalving van God op hun leven, waren ze toch in staat om tot bovennatuurlijke prestaties te komen. Natuurlijk, bekwaamheden en opleiding van de gelovige spelen ook een rol, maar ze mogen Bijbels gezien niet beslissend zijn voor iemands roeping. Laten we nooit vergeten: God heeft in feite onze bekwaamheden niet nodig, wel onze beschikbaarheid.

Ondanks hun tegen argumenten zijn alle drie genoemde personen Godsmannen geworden. We leren hieruit. Als God u roept voor een taak, dan zorgt Hij ervoor dat u de taak ook kunt volbrengen. Hij kan ook zelfs talenten en bekwaamheden erbij geven die we eerst niet hadden.

Sterker nog, God maakt juist geloofshelden van mensen die zichzelf onbekwaam vinden maar die zich wel beschikbaar stellen. God zou het ook heel goed ZONDER ons kunnen doen. Maar Hij wil uit liefde met ons samen werken. Als God iemand roept tot een taak, dan mag dat nooit gezien worden als een soort beloning, maar als een voorrecht. Iemands roeping zegt weinig over iemands kwaliteiten, maar wel over de kwaliteiten die God in de persoon wil ontwikkelen.

HH

Meer studies